1

Meer nettoloon + meer mensen aan het werk = meer koopkracht. Dat is de simpele, maar efficiënte logica achter de tax shift.

Werkende mensen houden netto te weinig over van wat ze bruto verdienen, en daar gaan we iets aan doen.  Door een combinatie van verschillende maatregelen laten we de nettolonen stijgen.  En door het feit dat ook de lasten voor bedrijven dalen en we mensen aanmoedigen om te werken, krijgt de koopkracht nog een extra boost.

Stijging van de koopkracht

Met de Tax Shift verhoogt de regering de koopkracht van de mensen door de lasten op arbeid aanzienlijk te verlagen. De nettolonen stijgen dus voor alle werknemers.

Dat gebeurt via volgende fiscale instrumenten:

  • De forfaitaire aftrek voor beroepskosten wordt verhoogd
  • De belastingvrije som wordt verhoogd
  • De 30%-schijf wordt afgeschaft
  • De benedengrens van de 45%-schijf wordt aangepast
  • Verhoging van de werkbonus (werknemers betalen minder sociale zekerheidsbijdrage op hun bruto loon)

Dat betekent dus dat heel wat mensen ongeveer 100 euro extra nettoloon per maand zullen krijgen. Voor de lagere lonen is dat zelfs tot 140 euro. Dat zorgt er dan weer voor dat werken wordt beloond een dat het verschil met een uitkering voldoende groot is. Die stimulans is op dit moment immers niet groot genoeg, zoals de volgende grafieken bewijzen. Lage lonen worden ook te hoog belast.

Grafiek: stijging van het inkomen bij overgang van werkloosheid naar werk (bron: Eurostat)

Grafiek: gemiddelde belastingvoet van lage inkomens

Koopkracht

2

Concurrentiekracht. Competitiviteit. Loonkostenhandicap.
Het zijn vaak gebruikte termen. Maar wat betekenen ze? 

België behoort tot de wereldtop qua lasten op arbeid. Jobs werden vaak kapot belast in ons land. Zelfstandigen, bedrijven en gezinnen hebben meer dan werk genoeg, maar de kostprijs van arbeid is zo hoog dat veel potentiële jobs niet gecreëerd worden of bedrijven en investeringen verhuizen naar het buitenland.

Volgens Eurostat kost een uur werken in de Belgische economie in 2014 gemiddeld 39 euro aan de werkgever, dit is 6 euro of 19% meer dan het gemiddelde in onze 3 buurlanden (33 euro).

Grafiek: loonkost per uur in 2014 (in euro; bron: Eurostat)

Loonkost per uur in 2014 (in euro; bron: Eurostat)

Onze bedrijven moeten zich kunnen meten met bedrijven in het buitenland. Hoe sterker onze bedrijven zijn, en hoe aantrekkelijker ons beleid is, hoe groter de kans dat bedrijven zich hier vestigen of uitbreiden en dus voor jobs en groei kunnen zorgen. Daar worden niet alleen de bedrijven beter van, maar ook de werknemers.

Om onze bedrijven en ondernemers die concurrentiekracht te geven, neemt de regering volgende maatregelen:

  • De verlaging van de sociale zekerheidsbijdrage van 33 naar 25 procent
  • Volledige vrijstelling van sociale zekerheidsbijdrage voor de eerste aanwerving voor KMO’s
  • Het goedkoper maken van verdere aanwervingen voor KMO’s
  • Fiscale aftrek voor investeringen door zelfstandigen en KMO’s. 
  • Fiscale maatregelen om moderne en hoogtechnologische technologieën te stimuleren. 

Het wegwerken van de loonkostenhandicap met onze buurlanden en voornaamste handelspartners is dan ook een topprioriteit van de regering.

Grafiek: loonkostenhandicap t.o.v. buurlanden opgebouwd sinds 1996 (bron: CRB)

Loonkostenhandicap t.o.v. buurlanden opgebouwd sinds 1996 (bron: CRB)

3

In september 2015 heeft de regering de sociale minima zoals de lage pensioenen en het leefloon verhoogd met 2%. Dit is mogelijk dankzij een 100% besteding van de zogenaamde ‘welvaartsenveloppe’. Deze enveloppe dient om de sociale uitkeringen aan te passen aan de stijgende welvaart. De komende jaren engageert de regering zich verder om die welvaartsenveloppe van 1,2 miljard volledig te gebruiken, iets wat vroeger niet gebeurde. Daar bovenop wordt een budget van 50 miljoen wordt vrijgemaakt voor een extra verhoging van het leefloon met 2% en van de laagste pensioenen met 1%.

De afschaffing van de 30%-schijf in de personenbelasting een voordeel voor heel wat pensioenen (zie hoofdstuk ‘koopkracht’).

De belasting op pensioensparen werd hervormd, wat in de meeste gevallen een verlaging van de belasting betekent.

Uiteraard is ook de algemene pensioenhervorming van de regering van groot belang. Die zal er voor zorgen dat het systeem betaalbaar en dus overeind blijft.